
Betreft: de ontwikkelingen binnen de falende GGZ
Geachte Minister van VWS, Mevrouw Hermans,
Ik wil graag een dringend signaal afgeven. De reguliere GGZ faalt op dit moment ernstig in het bieden van hulp/begeleiding aan mensen die psychisch lijden. Daar zijn vele voorbeelden van te geven en die zijn gelukkig op dit moment ook algemeen bekend.
|
Aantal voorbeelden: Diagnoses sluiten niet aan; Diagnose behandel combinaties werken niet; Geen overeenstemming over wat psychische kwetsbaarheden zijn; Geen zicht op de oorzaken; Enkel symptoombestrijding; Geen effectieve behandelingen; Ongegrond bestempelt als zieke/aandoening/afwijking (vergroot stigma en taboe); Vele misstanden in klinieken; Vele schrijnende ervaringsverhalen in de verhalendatabank Psychiatrie: Mensen voelen zich machteloos, onbegrepen, belazerd, gestigmatiseerd en zelfs getraumatiseerd door behandelingen in de GGZ. |
De dringende vraag die gesteld moet worden is: hoe kunnen we deze hulpverlening op korte termijn verbeteren? Helaas maken de nieuwe ontwikkelingen die ik volg, mij somber. Ze bouwen voort op basis van dezelfde blinde vlekken, gaan voorbij aan de kern van het probleem en bewegen daarmee enkel verder van de oplossing vandaan.
Er is een rechtszaak aangespannen tegen de staat wegens de lange GGZ-wachtlijsten. Ik kan me dat voorstellen maar de wachtlijsten/het systeem zijn niet het probleem. Het probleem is dat de aangeboden therapieën niet werken. Hierdoor worden mensen niet geholpen, blijven ze eindeloos/hun hele leven hangen/dralen in de GGZ, stromen ze niet uit en komen er geen nieuwe plekken vrij voor nieuwe mensen.
Verbazingwekkend genoeg gaat de discussie/nieuwe ontwikkelingen/plannen niet over de inhoudelijke kwaliteit van de aangeboden behandelingen en de deskundigheid van de professionals. Het vakgebied wijst maar al te graag naar het vastlopende systeem en zegt de oplossing te zien buiten de GGZ. Alles wordt erbij gehaald (rapport Uit Balans; GEM; nieuwe GGZ): bestaanszekerheid/schulden, participatie in de samenleving, lichamelijke activiteit, woonsituatie, sociale omgeving etc. Het is nu eenmaal zo dat alles in het leven invloed heeft op onze mind. Daarbij zijn de genoemde factoren: risicofactoren/succesfactoren en hebben ze niets van doen met de oorzaak van psychisch lijden. Door deze aanvullende dimensies erbij te betrekken komt je niet verder. Het wordt enkel complexer en duurder. De chaos is wat mij betreft compleet wanneer psychologen, psychiaters, instituten, instellingen, kamerleden, rapporten, schulden en andere risicofactoren klakkeloos aanduiden als oorzaken van psychische lijden (In het rapport ‘Uit Balans’ worden het eerst netjes risicofactoren genoemd, maar even verderop zijn het opeens de oorzaken). Is dit onwetendheid, slordigheid? Het raakt mij, omdat deze verwarring ten koste gaat van alle mensen die in Nederland psychisch lijden en zitten te wachten op een begeleidingstraject dat hen helpt.
Het is dus sterk de vraag of goede GGZ, naast psychisch welzijn, een transitie moet maken van het zorgdomein naar het sociaal- en publieke domein (GEM = ecosysteem mentale gezondheid), maar de weg is reeds ingeslagen. Er wordt gedaan alsof daar een onafhankelijk onderzoek aan vooraf is gegaan. Maar in de taakopdracht IBO Mentale gezondheid en GGZ viel de uitkomst van het onderzoek al te lezen, namelijk de zes risicofactoren uit onderzoek van het RIVM.
De GGZ heeft zich niet te richten op risicofactoren, die zijn er ontelbaar, maar op de oorzaak van psychisch lijden. En ook niet op de symptomen, zoals ze nu enkel doen (de definitie bevat symptomen, de diagnoses zijn gebaseerd op symptomen en de behandelingen richten zich enkel op symptomen). Dat is dweilen met de kraan open en slechts een pleister op de wond. Niemand wordt dus echt geholpen. Dat is de realiteit.
Jim van Os bouwt op dit moment hard aan de weg en dat waardeer ik. Maar ook hij slaat op vele punten de plank mis. Ook hij geeft aan dat de huidige behandelingen niet werken, maar als antwoord daarop draait hij 180 graden de andere kant op en zegt hij dat wij dus samen te ploeteren hebben. Het laatste wat je moet zeggen tegen iemand die psychisch lijdt, is (om zijn woorden te citeren): ‘Wij weten het niet, pillen helpen niet, therapieën werken niet, dus we gaan samen ploeteren en kijken wat er voor u mogelijk wel werkt.’ Dat haalt de grond (die al onder hun voeten weg was) onder hun voeten vandaan. Alsof een chirurg in het ziekenhuis zegt: ‘We weten het niet dus we gaan gewoon iets uitproberen.’ Elk vertrouwen is dan weg. En het klopt niet. Want er is wel veel bekend en geschreven over de oorzaak van psychische lijden en we kunnen wel heel veel doen. Maar het vakgebied staat hier om verschillende redenen (o.a. eigen behoud, status, geld) niet voor open. Ik kom hier later op terug. Ik wil eerst nog een voorbeeld geven.
Het immens pijnlijke voorbeeld van Milou Verhoof. De discussie die nu wordt gevoerd gaat over de gevolgen van het wettelijk toestaan van euthanasie bij jongeren en of dit bij haar wel had moeten gebeuren. Maar de discussie zou moeten gaan over waarom geen enkele zorgprofessional Milou de zorg heeft gegeven die ze nodig had (zelfs zeer schadelijk is geweest), waardoor ze geen andere uitweg meer zag dan de dood. Ze wilde niet dood, maar ze kon het lijden niet meer aan. Er zaten monsters in haar hoofd: hallucinaties/psychoses/trauma. Dan is de oplossing heel helder. Haal haar uit haar hoofd. Het is wat alle mensen zeggen die suïcidaal zijn: ‘Ik zit vast in mijn hoofd en ik kom er niet meer uit. Ik word overgenomen door stemmen/demonen/monsterfabriek in mijn hoofd.’
De reguliere GGZ leert mensen niet hoe ze uit hun hoofd kunnen komen (want dat kan wel). Psychologen/psychiaters kijken enkel vanuit de mind naar de mind. Maar zoals Einstein al zei: ‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt.’ Met andere woorden: Je kunt niet vanuit je mind naar je mind kijken. Je kunt niet kijken naar iets waar je mee samenvalt/identificeert, want dat is wat wij mensen doen.
Wij mensen hebben 70.000 gedachten per dag en leven daardoor 95% van de dag in onze gedachtewereld. Hierdoor denken we dat de wereld echt zo is en dat het is wie wij zijn, maar het zijn slechts onze gedachten. Gedachten die gebaseerd zijn op angst (vluchten of vechten), want onze mind is een overlevingsmechanisme. Dit mechanisme projecteert onze ervaringen uit het verleden op de situaties in het heden. We leven dus als het ware in het verleden. We kunnen niets in het huidige moment laten zijn voor wat het werkelijk is.
Er is niets mis met het feit dat onze mind een overlevingsmechanisme is. Gelukkig maar, want anders zouden we niet overleven, maar wanneer we ermee samenvallen/identificatie en het mechanisme ons overneemt dan gaat het mis. Dan gaan we ook vluchten (of aanvallen) voor een tijger die er in het Hier en Nu helemaal niet is. Hier ontstaat psychisch lijden
Maar we zijn niet onze gedachten (identificatie). We hebben gedachten en daarmee bevinden we ons in de enige echte werkelijkheid van het Hier en Nu. Daar waar we in ons hoofd beren op de weg zien, zien we in het huidige moment dat die er helemaal niet zijn. Daar waar we in ons hoofd een vroeger trauma projecteren, zien we in het Hier en Nu dat daar helemaal geen sprake van is. Daar waar we in ons hoofd negatieve overtuigingen hebben over onszelf (geïnternaliseerd, psyche-identiteit) maken we in het Hier en Nu verbinding met wie we werkelijk zijn.
Een breuk maken met onze gedachtewereld is iets dat we gewoon kunnen trainen. Enkel vanuit het perspectief van het Hier en Nu kunnen we kijken (vanuit de bioscoopzaal) naar onze eigen mind (film) (i.p.v. dat we in de film zitten) en deze doorzien: de mechanismen doorzien, onze afweer doorzien, de illusies, de patronen, de projecties, etc. Vanuit het Hier en Nu (we worden niet meer overgenomen) kunnen we onze eigen keuzes maken en hebben we ons eigen stuur in handen. We zijn verbonden met wie we werkelijk zijn: met onze unieke kleuren, talenten, verlangens, (zelf)liefde, kracht, levenslust, zingeving, passie, drive, etc.
Mind versus het Hier en NU
Overleven versus leven
Levensangst versus levenslust en kracht
Spanning versus ontspanning
Storm versus stilte
Controle versus loslaten
Verleden versus heden
Afweer versus een open hart
Onwerkelijkheid versus werkelijkheid
Identificatie versus zicht
Afgesloten versus verbonden
Donker versus licht
Onze identificatie met onze mind/overlevingsmechanisme is de hoofdoorzaak van psychisch lijden. Door deze identificatie met onze mind zijn we het contact met de werkelijkheid/realiteit kwijt, met wie we werkelijk zijn, met onze levenslust en met onze (stuur)kracht. We leven voor 95% in onze gedachtewereld/een onwerkelijkheid, die is gebaseerd op de angst om niet te overleven. We identificeren ons met iets dat we niet zijn: met ons subjectieve wereldbeeld, overtuigingen, oordelen, afweer, etc. Onze angst en afweer slaan op hol. Een paar voorbeelden:
|
Vanuit overleving, leven we vanuit angst. En doordat we samenvallen met deze angst-verhalen, nemen deze angstverhalen ons over en wordt onze angst (dwingende angststemmen) steeds groter en groter. |
Gevolg: paniekaanvallen, psychoses, bipolaire stoornis, etc.
|
|
Vanuit overleving projecteren we het verleden (bv een trauma) op het heden en dat maakt dat we leven vanuit een onwerkelijkheid, want in het Hier en Nu is er niets aan de hand. En hier gaat het mis. Wanneer er in werkelijkheid een tijger op ons pad verschijnt, dan is vluchten of vechten het juiste om te doen. Maar wanneer we vanuit projectie denken dat er een tijger is, die er helemaal niet is, dan is vluchten of vechten alles ontwrichtend. We kunnen namelijk niet weg van iets dat er niet is. Dus vluchten we uit onszelf. Dit totale controleverlies laat ons nog meer op hol slaan. Het is angst op angst op angst: Een monsterfabriek. |
Gevolg: paniekaanvallen, psychoses, hallucinaties, etc.
|
|
Vanuit overleving verdringen we onze pijn/onprettige emoties en bouwen daar een muur van afweer omheen, zodat niemand onze verdrongen pijn kan aanraken (vanuit overleving is pijn/ongemak levensbedreigend). Er zijn verschillende type afweer en ook daar identificeren we ons mee. Om de pijn niet te hoeven voelen, sluiten we ons hart af. Daardoor voelen we ook geen levenslust en vreugde meer. Vanuit angst gaan we maar door in het verdringen van pijn en ongemak en neemt onze afweer steeds extremere vormen. We identificeren ons ermee en onze afweer neemt ons steeds verder over. Bij de minste geringste trigger slaat de wijzer helemaal door. Nog meer angst, nog meer wegstoppen, nog meer afweer, nog meer illusies, nog meer controledwang, nog meer overgenomen worden, nog meer gevangen, nog meer zoek, nog meer verstikt. |
Gevolg: Depressie, etc.
|
|
Vanuit overleving moet alles perfect, beter, anders, meer, sneller, leuker. Deze overtuigingen van hoe we wel/niet moeten zijn, worden al in onze jeugd door onze ouders (onbewust) aan ons doorgegeven. We gaan ons aanpassen naar de goedkeuring van onze ouders en de maatschappij. Hierbij gaan we bij onszelf vandaan en raken we onze unieke kleuren, potentieel, levenslust, kracht, etc. kwijt. |
Gevolg: Depressie Wanneer we onze waardering ophangen aan prestatie, werken we ons burn-out. |
|
Wanneer we proberen om onze angst/psychisch lijden onder controle te houden, verliezen we ons in dwangstoornissen. Ook deze dwang gaat een heel eigen leven/werkelijkheid leiden. |
Gevolg: Verdoving, verslaving, controle dwang (eetstoornissen, smetvrees). Etc. |
Alles wat wij mensen niet kunnen bevatten met onze mind/cognitie, noemen we spiritueel. Maar er is niets spiritueels aan het Hier en Nu. Het Hier en Nu IS, de enige echte werkelijkheid van het huidige moment, een feit, een gegeven (we zijn geen gedachtewolk op pootjes).
Omdat ook psychologen/psychiaters samen vallen met hun mind, zien ze niet dat deze identificatie de oorzaak is van psychisch lijden (dit is hun blinde vlek) en is deze identificatie met ons overlevingsmechanisme in al hun visies, definities, behandelingen, etc. terug te lezen. Dit is waarom therapieën soms zelfs schadelijk kunnen zijn.
Wanneer er enkel vanuit de mind naar de mind wordt gekeken, zullen cliënten enkel nog verder verstrikt en verdwaald raken in hun hoofd.
De voorbeelden zijn talrijk (psychotherapie, cognitieve gedragstherapie, weerbaarheid verwarren met op angst gebaseerde afweer, etc.). Ik zal er 1 uitlichten: de definitie, het fundament.
De identificatie met onze mind/overlevingsmechanisme is terug te lezen in de opgestelde definitie (door het Trimbos-instituut, RIVM, VWS en andere sleutelfiguren) van psychische kwetsbaarheden: psychische kwetsbaarheden zijn aspecten van gevoelens, gedachten en/of gedrag die door de persoon zelf als vervelend worden ervaren, bijvoorbeeld somberte, piekeren, snel angstig zijn, slaapproblemen, stress. Mentale gezondheid wordt omschreven als een positieve staat, die we graag zouden willen.
Allereerst zijn de vervelende gevoelens, gedachten en gedrag de symptomen/gevolgen.Naar mijn zicht is het zeer vreemd en schadelijk om psychische kwetsbaarheden gelijk te stellen aan negatieve/vervelende emoties. Emoties, ook negatieve emoties, horen gewoon bij het leven en bij mens zijn. Ze zijn volkomen normaal en natuurlijk. Het leven is niet alleen maar leuk en dat hoeft ook niet. Door psychische kwetsbaarheden ook nog onterecht ziekten, stoornissen en aandoeningen te noemen, stigmatiseer je doodnormale menselijke gevoelens.
Het is ons overlevingsmechanisme die die vervelende emoties/pijn/ongemak niet wil, weg wil hebben (kwetsbaarheid is levensbedreigend). Hier vallen de opstellers van de definitie samen met hun angst om niet te overleven. Eerder beschreef ik dat het wegstoppen van onze negatieve emoties schadelijk is en leidt tot psychische kwetsbaarheden. Zoals de definitie nu is, draagt hij juist bij aan het ontstaan van psychische kwetsbaarheden en staat hij de oplossing in de weg. Want emoties (ook vervelende) hebben we niet voor niets. Ze hebben juist een hele belangrijke en positieve functie. Het is ons kompas. Ze vertellen ons hoe het werkelijk met ons gaat; wat we wel/niet fijn vinden, waar onze persoonlijke grenzen liggen; wat in ons gezien en geleefd wil worden; waar we zelfzorg nodig hebben, etc. Wanneer we onze emoties verdringen, hebben we hier geen zicht op en zijn we niet in staat om goed voor onszelf te zorgen met alle gevolgen van dien. Ook kunnen andere mensen bijvoorbeeld makkelijk over onze grenzen heen gaan (we zijn niet weerbaar). Ook mag er door het verdringen van onze emoties een natuurlijk deel van onszelf niet bestaan. Met andere woorden: Het is niet goed zoals we zijn. We stoppen onze emoties weg, verdringen onze gevoelige delen, doen ons anders/beter voor, passen ons aan ten koste van onszelf, sluiten ons hart af en worden depressief.
Ook mentale gezondheid heeft niets te maken met een positieve staat (zoals de GGZ nu stelt) Gelukkig maar, want het is een utopie dat het leven altijd leuk en positief is en we ons alleen maar goed zouden voelen. Ook hier spreekt ons overlevingsmechanisme, dat grijpt naar de fijne dingen in het leven. Ook wanneer we boos of verdrietig of eenzaam of bang zijn of pijn hebben, kunnen we mentaal gezond zijn. Naar mijn zicht is mentale gezondheid in verbinding zijn met dat wat wel werkelijk is (het Hier en Nu). Waardoor er zicht (bewustwording) is op onze mind (we er niet langer mee samen vallen) en we ons eigen stuur in handen hebben en onze eigen keuzes kunnen maken. We kunnen zien dat vervelende emoties/pijn/ongemak/psychische kwetsbaarheden kansen zijn op persoonlijke ontwikkeling.
De nieuwe GGZ stelt mentale gezondheid gelijk aan: zinvol werk, sociaal netwerk, geschikte woning, of met andere woorden: lekker functioneren/je ding kunnen doen. Maar we kunnen heel goed mentaal gezond zijn zonder dit alles. Je kunt in het leven nu eenmaal niet altijd je ding doen (zoals ons overlevingsmechanisme graag zou willen). Het gaat erom in welke mate we er ons mee identificeren, we onze waarde eraan ophangen, we ons mislukt voelen wanneer we dit niet hebben (oude verdrongen pijn aanraakt), ons overlevingsmechanisme/angst en onze afweer op hol slaan, omdat we ermee samenvallen en het ons overneemt. Wanneer we zicht zouden houden (vanuit het Hier en Nu) zouden we gewoon rustig kunnen kijken welke stappen er nodig zijn om bijvoorbeeld van onze schulden af te komen, vanuit realiteit en stuurkracht.
Het is dat wat, naast mij, vele ervaringsdeskundigen zeggen: ‘Het was een traject van persoonlijke ontwikkeling en bewustwording, van overleven naar leven, van weer thuiskomen bij jezelf, van donker naar licht. Waarbij angst-stemmen er nog wel zijn, maar je niet meer overnemen. Je kunt zien dat het illusies zijn en anders kiezen. De ruimte die hier ontstaat is geen mentale ruimte (vanuit de mind gedacht) maar de open vrije ruimte van het Hier en Nu.
Het is uitermate belangrijk om samen naar de definitie te kijken. Zoals hij nu is, belandt iedereen die aspecten van gevoelens, gedachten en/of gedrag als vervelend ervaart, op de wachtlijst (terwijl die gewoon bij het leven horen).
Ik ben over deze definitie kort in gesprek geweest met de medewerker van het Trimbos-instituut die dit proces heeft begeleid. Ze wilde niet ingaan op mijn vragen. Wel zei ze: ‘het is niet zo dat we nu allemaal deze definitie hanteren. Hier intern bij het Trimbos hanteert iedereen zijn eigen definitie.’ Er zou volgens haar zelfs geen sprake zijn van een vakgebied. Bij mij gaan dan alle alarmbellen rinkelen. Het is geen vakgebied omdat het gezamenlijke fundament ontbreekt. Er wordt gebouwd op drijfzand. Het ‘vakgebied’ weet niet waar ze het over hebben.
Ik heb een jaar geleden hierover een brandbrief gestuurd naar alle partijen binnen het ‘vakgebied’ van de GGZ. Ik kreeg bijna geen reactie en werd van het kastje naar de muur gestuurd en weer terug. Instellingen wezen naar elkaar en zeiden allemaal hier niet de verantwoordelijkheid voor te hebben.
Ik stuur u deze brief in de hoop dat u wel verantwoordelijkheid wilt nemen en de betrokken partijen op hun verantwoordelijkheid wilt wijzen.
In de spiegel kijken (naar je eigen visie en handelen) is iets dat mensen (vanuit hun mind/ego/afweer/overleving) heel moeilijk vinden. Maar van psychologen/psychiaters mogen we dit wel verwachten, aangezien dit hun vak is en zij dit ook van hun cliënten vragen. Wegkijken/negeren, zeggen dat het allemaal geweldig gaat (vanuit eigen belang, ego, waardering, status, salaris, verkregen subsidie, etc.), ten koste van mensen die psychisch lijden, maakt mij heel erg verdrietig. Want dat is toch waar we het allemaal voor doen?
Preventie van psychisch lijden is hierbij zo belangrijk, want hoe langer mensen psychisch lijden, hoe dieper de mind bepaalde patronen heeft ingesleten en hoe moeilijker het is om er een breuk mee te maken.
Binnen de huidige GGZ bestaat preventie enkel uit vroeg signalering (en symptoombestrijding), maar we kunnen psychisch lijden daadwerkelijk voorkomen wanneer we o.a. middelbare scholieren de inzichten, de methodieken en de ervaringen geven, hoe te schakelen vanuit die angstige overheersende mind, naar de werkelijkheid van het Hier en Nu, naar wie zij ten diepste zijn (anders dan hun psyche-identiteit), naar de stilte in de storm, naar (zelf)liefde, naar ontspanning, vertrouwen, levenslust, zicht, (stuur)kracht, etc. Zij hebben (alle mensen) deze inzichten en ervaringen keihard nodig in deze op hol slaande wereld (het is de wereld letterlijk naar het hoofd gestegen).
Ik hoop op een uitnodiging van u voor een gesprek/presentatie, om dit verder te kunnen toelichten en om met alle betrokken partijen de moed te hebben om even stil te gaan staan en echt te kijken en het fundament te bouwen dat het vakgebied tot een vakgebied zal maken. Een vakgebied dat in staat is om mensen uit hun hoofd te halen en in hun kracht te zetten (waar zo vele cliënten dringend hulp in vragen).
Hartelijke groeten, Fee van der Poel
Ervaringsdeskundige GGZ; Ingenieur Voeding en Gezondheid Wageningen; Lange tijd samengewerkt met het RIVM en het Trimbos-instituut vanuit het toenmalige NIGZ; Verhalenverteller en theatermaker.